Bløfsum

Hoe dichter bij huis we zijn. Alles moet weg, alles moet weg. Brachten me tot hier. Ik kan hardop denken bij jou. Met haar roodgestifte mond. Al dagenlang te wachten. Met haar reizen in mijn hoofd. Er is geen middenweg. Brengt iets terug van haar.

En onverwacht. Hart tegen hart, het kan niet dichterbij. Niet een doel of een besluit. Niet bij ontbij. In tranen waarmee. Veel te laf, veel te dronken. Geef niet op. Blijf niet langer vluchten. Lees goed wat ik je schrijf. Doet hij z`n werk en krijgt z`n loon. Al schreef ik duizend liedjes over dit gemis. Het geld dat rinkelt in mijn zak.

Zoals ze altijd mogen blijven. En flessen vol gin. Ik heb je langzaam lief. Of tegelijk raar of fijn. Maar vergeet niet wie we zijn. Mijn hemelse verslaving. Maar bont en blauw. Dan is er iets in barcelona. Maar plotseling vraag ik me af. Neem me ergens mee naar toe, waar doet er niet toe, waar doet er niet toe. Woah, geef elkaar de handen nu maar. En met wodka en met bokking tussen reddingsbanden.

Zij brullen tegen de wind. Een grens kun je verleggen. Pratend over niets. Kom dichterbij - kom dichterbij. Maar ik ken die jongen nog. Schreven nooit iets neer. Dat jij meer hebt om te blijven.

Vol zonlicht dat ieder gewicht dragen kan. Weerloos. Maar in de grond. Ik zet een punt en begin gewoon van vooraf aan. Denk niet dat het moeilijk is, en denk niet dat ik vecht. Droeg ik alles op m’n rug. En als ik wacht totdat jij ooit iets zegt. Daar komt mijn schip al aan. En ik ben moe. Ze zal je dragen. Waaraan we verdwijnen. Dansen aan zee. Je komt me weer vertellen. Het is okee.

Vernieuwen